|

De schuingedrukte termen
geven aan hoe de woorden uit te spreken :
ALGEMEEN
ai (ai) : verenigen
ki (kie) : levenskracht,
inwendige energie
do (doo) : de
weg, het pad, de manier
aikido (aikiedoo)
: de manier om de levenskrachten te verenigen
aikidoka (aikiedooka)
: de beoefenaar van aikido
uke (oekeh) :
degene die aanvalt
nage (nageh)
: degene die de oefening uitvoert, die de
aanval "ontvangt"
seiza (seiza)
: de traditionele japanse zithouding, op de
knieën met het zitvlak op de hielen
OEFENZAAL
dojo (doodzjoo)
: de oefenruimte waar men krijgskunsten beoefend
tatami (tatamie)
: de mat die de vloer van de dojo bedekt
KLEDIJ
keikogi (keigogie)
: het oefenpak, bestaand uit een broek, een
vest en een gordel, zoals ook bijvoorbeeld
in de judo.
obi (obie) :
de gordel
hakama (hakama)
: dit is de zwarte of donkerblauwe "rokbroek"
die bovenop de broek wordt gedragen.
WAPENS
jo (dzjoo) :
een ongeveer 1,2 m lange oefenstok.
bokuto (bokutoo)
: houten oefenzwaard, ook bokken genoemd
tanto (tantoo)
: houten oefendolk
BEGROETINGEN
onegai itasimasu (oneegai
ietashimas) : laten we samenwerken, de
typische groet bij de aanvang van de les.
Tip : hou je muis even boven de aikidoka net
onder het aikidogent.be logo op deze pagina.
domo arigato gozaimasita
(doomo arigatoo gozaimashta) : bedankt
voor de les, de typische afsluitingsgroet
van de les.
|